|
|||||||||||||||||
|
Het maatjesproject voor Zoetermeer en omstreken |
|||||||||||||||||
|
Eruit gelicht… FaalangstWat is faalangst?Faalangst is een angst als toestand. Dat wil zeggen dat hij alleen de kop opsteekt in een bepaalde situatie of een toestand. Hij is gebonden aan een taaksituatie. Je hebt een taak opgekregen en bent bang om te falen in het volbrengen ervan. Je vreest dat, als het erop aan komt, je onder de maat zult presteren. Bij faalangst gaat het erom dat het een taak is waarvan wordt aangenomen dat je het redelijkerwijs aankan, bijvoorbeeld onverwachte overhoringen. Dat er overhoort ging worden wist het kind niet, maar de antwoorden behoorde hij wel te weten. Het is voor mensen vaak onbegrijpelijk dat iemand, die geregeld zijn zaakjes kent, faalangstig is. Er is immers geen reëel gevaar. De angst 'zit tussen de oren' zo redeneren zij. Die mensen vergeten dan dat ze zelf ook bang zijn voor over-de-kop-gaan in de achtbaan. Daar is ook geen reëel gevaar. Maar de angst is wel degelijk reëel. Een alledaags voorbeeld van faalangst is bijvoorbeeld: We verplaatsen ons naar de geschiedenisles. Zojuist zijn de blaadjes uitgedeeld voor een onverwachte schriftelijke overhoring. Susan denkt: "Pech gehad dat er nu wordt overhoord, maar ik heb het geleerd, dus het moet wel lukken." Bij Susan zal het ook wel lukken. Maar Jasper denkt: "Ineens dat papier voor mijn neus. Ik schrik me lam! Ik heb wel geleerd, dat wel, als het nu maar niet misgaat." Zuchtend en zwetend probeert hij de vragen te maken, maar het wil niet zo goed lukken. Pas na zo'n vijf minuten begint er uit zijn geheugen weer iets bij hem boven te komen. Maar het is al te laat. Hij krijgt een onvoldoende. Als de schrik hevig is kan een angstreactie op gang komen. Bij Jasper was dat inderdaad het geval. Zoals we zagen heeft de natuur het angstmechanisme in ons aangelegd om ons lichaam razendsnel op gevaar te laten reageren. Alle energie wordt gericht op de lichamelijke actie, het denken wordt geblokkeerd. Maar Jasper moet stil in zijn bank blijven zitten, al bonst zijn hart en zijn zijn spieren geprikkeld tot actie. Zijn lijf is als het ware gereed om een beer te verslaan, maar hij kan er geen kant mee uit. Soorten faalangstPositieve faalangst Sommige mensen knijpen hem behoorlijk als ze voor een moeilijke taak staan, maar vinden tegerlijkertijd dat het wel een uitdaging is. Ze worden opgepept door de spanning van de situatie. Met een kloppend hart gaan ze de uitdaging tegemoet. Zou het lukken? Als ze eenmaal aan het werk zijn verdwijnt de spanning en maakt plaats voor concentratie. Het lijkt alsof alles wat niet bij die taak hoort wegvalt. Je zou bij wijze van spreken een kanon naast hun kunnen afvuren zonder dat ze het zouden merken. Het resultaat is beter dan ze zelf hadden verwacht. In zo'n situatie spreken we van positieve faalsangst. De goede prestatie als loon van de angst. Negatieve faalangst Meestal wordt de term faalangst gebruikt om de angst aan te duiden die verlammend werkt en de prestaties negatief beïnvloedt. Jasper is een voorbeeld van negatieve faalangst. Als je weet dat je iets zou moeten kunnen wat telkens weer mislukt, werkt het averechts. Het gaat je op den duur ook verlammen op gebieden waar je nu nog geen problemen mee hebt. De faalangst treedt dan als het ware buiten hun oevers en tast steeds meer aspecten van het leven aan. Het is daarom belangrijk dat je er tijdig bij bent. Als we de negatieve ontwikkeling kunnen stoppen, zal dit van invloed zijn op de hele persoonlijke ontwikkeling van jonge mensen, zoals Jasper. Cognitieve faalangst Dit is de faalangst die te maken heeft met het leren of kennen. Wanneer de leraar aankondigt dat hij nieuwe leerstof gaat behandelen, kan dat bij cognitief faalangstige kinderen angst oproepen. De vrees vooraf dat ze het "toch wel weer niet zullen snappen" verlamt hun gedachte, zodat ze de uitleg niet goed kunnen volgen. Nog erger hebben ze het ermee als er kennis wordt gevraagd bijvoorbeeld op een proefwerk of een overhoring. Er zijn cognitief faalangstige kinderen die dagen lang pijn in hun buik hebben als ze weten dat er een proefwerk, aan opgedreund en ingewikkelde definities in de juiste volgorde opgeschreven, in het vooruitzicht ligt. Maar als ze op school het proefwerkblaadjes voor hun neus krijgen, gaat het mis. Minimaal de eerste vijf minuten gaan verloren om dat ze in een groot, zwart gat zitten. Als hij/zij dan begint, kijkt hij/zij uitgerekend naar de moeilijke opgaven om daarin zoveelste bewijs te zien dat het toch wel weer zal mislukken, wat dan ook steevast gebeurd. Sociale faalangst Sociaal faalangstige kinderen hebben moeite met het functioneren binnen een groep. Ze zijn bang dat alle anderen heb stom zullen vinden. Daardoor leggen ze vaak moeilijk contact met klasgenoten. Dat wil niet zeggen dat ze buiten school dezelfde problemen hebben. Soms weten ze zich gemakkelijk t ehandhaven met hun leeftijdsgenootjes buiten school. Op school hebben ze namelijk met leerlingen, maar ook met de leraren. Ze durven niets te vragen en voelen zich geremd als ze antwoord moeten geven. Motorische faalangst Er zijn kinderen die er tegen op zien dat ze hun lichaam moeten gebruiken. Hoewel ze een uitstekend bewegingsapparaat hebben, durven ze het toch niet te gebruiken. Of ze zijn bang handwerkopdrachten uit te voeren. "Dat wordt toch niets." zeggen ze dan. Vaak beginnen ze niet aan een opdracht. Dit tot leedvermaak van sommige klasgenoten, die een kans zien om hun eigen positie in de klas te versterken. De drie faalangsten (cognitief, sociaal, motorisch) kunnen niet strikt van elkaar gescheiden worden. Vaak komen in combinatie met elkaar voor: Janet moet een spreekbeurt houden voor de klas. Ze is ten eerste bang dat ze op het beslissende moment haar tekst niet meer zou kennen (cognitieve faalangst) en ten tweede dat de klas haar voor de gek zou zetten (sociale faalangst). Waar komt faalangst vandaan?Er is niet een eenduidige oorzaak aan te wijzen. Ieder mens is uniek! Aanleg De genen van ieder mens vertonen een uniek patroon. Hierin zijn geen kant en klare eigenschappen vastgelegd, hoogstens een bepaalde aanleg. Negatieve opmerkingen Als een kind van jongst af aan te horen krijgt wat hij niet kan en er weinig aandacht wordt besteed aan hetgeen hij/zij wel kan, kan het voorkomen dat het kind faalangstig wordt. Er overheerst een negatief klimaat, waarbij complimenten niet of nauwelijks hoorbaar zijn. Mislukken mag niet Het is opvallend dat veel faalangstige kinderen uit gezinnen komen waar ouders werkelijk alles over hebben voor ze. Tijd noch moeite wordt gespaard om de kinderen te stimuleren en te activeren. Als het kind succes heeft wordt dit gevierd, hier geen gebrek aan complimenten. Sommige kinderen worden hiervan faalangstig. Daardoor presteren ze minder dat ze zouden kunnen en verstrekt nog meer hun gevoel: mislukken mag niet! Loyaliteit In gezinnen met faalangstige kinderen komt het voor dat een van de ouders vroeger zelf faalangstig is geweest of nog is. Soms zijn de kinderen faalangstig uit loyaliteit naar de ouder. Het is onbewust een beleefde vorm van verbondenheid. Hoe merk je dat een kind faalangstig is?Ieder kind reageert anders op zijn/haar faalangst. De afhankelijke Samengevat komt het erop neer dat:
De geslotene Een kenmerk van faalangstige leerlingen is dat ze vaak moeilijk te benaderen zijn. Hoe meer je vraagt hoe meer ze in elkaar kruipen. De brutale Door zich uitdagend/agressief op te stellen proberen ze te voorkomen dat anderen hun ware, bange gezicht zien. Het is een houding geworden die problemen geeft en zelfs hun omgeving het moeilijk vindt om hem/haar te begeleiden. Voor je het weet ben je als volwassene alleen nog maar bezig met het straffen. Het is natuurlijk niet zo dat alle agressie uit faalangst voortkomt. Agressie kent vele achtergronden, waarvan faalangst er één is. De clown Sommige kinderen hangen voortdurend de clown uit. Hun faalangst, meestal sociale angst, proberen ze zo voor de buitenwereld verborgen te houden. Dat de omstanders af en toe vervelend reageren op de grappen nemen ze op de koop toe. Ook hier geldt uiteraard voor, dat dit clown's gedrag niet altijd uit faalangst hoeft te komen. Er zijn meer achtergronden mogelijk. Lichamelijke klachten Bij faalangstige kinderen hoeft het niet alleen in het gedrag te zitten. Ze kunnen het ook uiten in lichamelijke klachten. Bij faalangst hoopt de spanning zich op zonder dat het zich kan ontladen. Faalangstige kinderen zijn dan ook vaak onbewegelijk. Ze wiebelen heen en weer op de stoel, zitten met de pen te spelen of zitten te bewegen met de voeten. Zelfs in de slaap zijn ze niet rustig. Meestal zijn het slechte slapers die voor dag en dauw alweer te ontwaken. Bij angst hoort ook dat het lichaam zich wil ontdoen van overtollig ballast. Dat kan leiden tot veelvuldig plassen en diarree. Is de spanning langdurig en hevig dan kan dat leiden tot buikpijn, maagpijn, misselijkheid, geen hap meer door de keel kunnen krijgen en soms wel overgeven. De versnelde en verdiepte ademhaling die normaal is bij angst, kan omslaan in een teveel aan zuurstof. Dan is er sprake van hyperventilatie. De langdurige spanning kan tenslotte ook vertaald worden in spanningshoofdpijn. Het is niet zo dat als een van deze klachten voorkomen bij het kind dat er dan gelijk sprake is van faalangst. Lichamelijk ongemak kent vele orzaken, waarvan faalangst er één van is. Wat te doen bij faalangst? Verbeelding; Bang zijn om fouten te maken is erger dan het maken van een fout. Vertel je kind dat iedereen wel eens fouten maakt en ervan kan leren. Niemand is volmaakt.
Informatie; Veel perfectionisten, ook kinderen, menen ten onrechte dat iedereen het beter doet dan zij. je kind denkt misschien wel dat jij een modelleerling was, of dat je nu nooit fouten maakt. Help het kind zjin misverstand inzien.
Observatie; Je kind moet zien dat andere mensen fouten maken en er niet alleen over horen.
Confrontatie; Veel kinderen die bang zijn om fouten te maken hebben zichzelf een onrealistisch doel gesteld. Bedenk een reeks ervaringen waarbij je kind opzettelijk fouten maakt in het openbaar, zodat jij leert wat hij/zij moet doen als hij/zij per ongeluk iets verkeerd doet. Voorbeeld van ervaringen met falen:
| ||||||||||||||||
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
|||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||